home | fotoalbum | stats | gelinkt door | beheer | maak je eigen weblog aan! | 5 EURO bij aanmelding. 1 EURO per 2 vrienden. X EURO per bericht. punt.nl


wat is de hemel
Religie/Christendom | 16 Februari 2009 | 09:24:15
Wat is de Hemel?
Door: Jacob Klein Haneveld
1. De troost van de hemel
2. De hemel is een plaats
3. Rechtstreeks naar de hemel
4. Herkenning in de hemel
5. Hemelse heiligen nemen ons waar
6. Het sterven is gewin
7. De weg naar de hemel

Schriftlezing: Joh. 14: 1-6, Openb. 21 en 22.

1. DE WONDERBARE TROOST VAN DE HEMEL
Thans wil ik met u spreken over een uiterst belangrijk en heerlijk onderwerp: Wat is de hemel? Eigenlijk moesten Gods kinderen veel meer over de hemel spreken, dan zij gewoonlijk doen. De heiligen van de oude tijd spraken dagelijks over de hemel. Zij verheugden zich in het vooruitzicht van de hemel. Zij hadden heimwee naar de hemel. Zij zongen van de hemel. Jezus zeide: 'Verblijd U, dat uw namen geschreven zijn in de hemelen' (Luk. 10 : 20). O, ik bid God, dat door deze boodschap de hemel voor u een grotere werkelijkheid mag worden. De hemel is niet zo ver weg, als u denkt. Engelen gaan voortdurend van de hemel naar de aarde, en van de aarde naar de hemel. Zij onderhouden een druk en levendig verkeer tussen hemel en aarde. Hemelse wezens zien dag en nacht op ons neer en slaan ons met oneindige liefde en tederheid gade. Zij verblijden zich, als een zondaar zich op aarde bekeert.

Laat geen ongeloof of twijfel uw blijdschap in de gezegende en zekere beloften aangaande de hemel wegnemen. Onderzoek de Schriften; bedenk de dingen die boven zijn; spreek veel over de hemel; verblijd u in de hemel; zing van de hemel. Wij hebben in onze zangbundels vele liederen, die de hemel bezingen. Reeds op de zondagsschool leerde ik het bekende kinderlied:

‘In de hemel is het schoon.
Waar men zingt op blijde toon,
Met een altoos vrolijk harte,
Vrij van alle zorg en smarte.

En hoe vaak hebben wij in onze samenkomsten gezongen:

Daarboven is een heerlijk oord,
O, zo schoon!
Daar wordt het engelenlied gehoord,
O, zo schoon!

Een van mijn lievelingsliederen is het bekende gezang:

Eens zullen wij met Jezus leven.
Dan voelt, dan kent men geen verdriet.
Dat uitzicht moet ons nooit begeven,
Zij, die geloven, haasten niet.

Hoe dikwijls hebben deze en vele andere liederen de harten van vermoeide, aardse pelgrims op weg naar het hemelse Vaderland getroost en bemoedigd. Welk een heim-wee naar ons eeuwig Tehuis spreekt uit deze hemelse zangen. Het menselijk hart verlangt naar een plaats, waar geen zonde, geen ziekte, geen dood; geen rouw, geen scheiding, geen teleurstelling meer zal zijn. Zulk een plaats is de hemel voor het kind van God. In deze wereld voelt hij zich niet thuis. De dingen dezer wereld hebben hun bekoring voor hem verloren. Zijn burgerschap is in de hemel. Zolang hij nog op aarde is, is hij een 'vreemdeling' en 'bijwoner'. Als Abraham heeft hij hier 'geen blijvende stad', maar zoekt hij 'de toekomende'. De hemel is voor hem het Vaderhuis. Daar wordt op hem gewacht. Daar is zijn schat, en daar is ook zijn hart. Daarom is hij met zijn gedachten voortdurend bezig met dat heerlijk Tehuis van zijn geliefde ontslapenen, van zijn gezegende Heiland, van zijn Hemelse Vader. Vele mensen, ook gelovigen, hebben zich de meest eigenaardige ideeën gevormd over de hemel, die dikwijls meer heidens dan Bijbels van oorsprong zijn. Allerlei valse leringen hebben hun geest verward. Menselijke fantasieën en filosofieën zijn echter volkomen waardeloos, alleen het Woord van God is gezaghebbend en licht ons naar waarheid in over de dingen van het leven na dit leven. En Zijn Woord spreekt meer over de hemel en hemelse zaken, dan men over het algemeen denkt.

2. DE HEMEL IS EEN PLAATS
In Johannes 14 lazen wij, dat Jezus tot Zijn discipelen zeide: 'Uw hart worde niet ontroerd... in het huis Mijns Vaders zijn vele woningen... Ik ga heen om u plaats te bereiden'.

De hemel is dus een plaats. Jezus ging heen, om deze plaats te bereiden. Deze plaats is in het Vaderhuis, dat vele woningen heeft. Denk dus nooit aan de hemel als aan een vage wereld van geesten, onwerkelijk en onzeker. Neen, de hemel is even letterlijk en concreet een plaats, als het huis waarin u woont. Menselijke telescopen kunnen niet zien op welke verafgelegen planeet of ster dit paradijs Gods is, waar Jezus de vele woningen voor de Zijnen bereidt. Maar hoewel menselijke ogen niet ver genoeg reiken, een ding is zeker; ergens in de onmetelijke ruimte is een plaats, die hemel heet. Daar woont God, daar woont onze Heiland, daar bevinden zich onze geliefde ontslapenen, omringd door miljoenen engelen. De hemel is niet alleen een plaats. Maar in de hemel is ook een stad. Geen denkbeeldige stad, maar een 'stad die fundamenten heeft, welker Kunstenaar en Bouwmeester God is'. O, die stralende en schitterende heerlijkheid van deze 'stad Gods', deze 'heilige stad', het 'hemelse Jeruzalem'.

In Openbaring 21 en 22 vinden wij een uitvoerige beschrijving van de omvang en van de schoonheid van deze hemelse stad. 'Zij heeft de heerlijkheid Gods en haar licht was de allerkostelijkste steen gelijk, namelijk steen Jaspis; blinkend gelijk kristal'. Het is een letterlijke stad met muren van doorschijnend Jaspis, 144 ellen hoog. De straten zijn van zuiver goud. De fundamenten zijn versierd met de kostbaarste edelstenen. Zij heeft twaalf grote poorten, waarvan elk een parel is. Zij is 12.000 stadiën lang, breed en hoog. In omvang overtreft zij dus alle steden van de wereld. In deze stad stroomt een rivier, die ontspringt uit de troon van God en van het Lam. Aan de oevers van deze hemelse stroom groeien de bomen des levens, die twaalf soorten vruchten dragen. Maandelijks werpen zij deze kostelijke vruchten af. De bladeren van deze bomen hebben genezende kracht voor de volkeren. In deze rivier stroomt het zuivere water des levens, zonder vlek of smet, helder als kristal. Ik twijfel er geen seconde aan, of Gods heiligen zullen dit water des levens drinken, en de vruchten van deze levensbomen eten. Wil zullen werkelijke lichamen hebben, die eten en drinken kunnen. Onze voeten zullen wandelen op de gouden straten. Onze handen zullen de blinkende aangezichten van onze geliefden strelen. Onze armen zullen hen omhelzen. Al onze verlangens zullen volkomen vervuld worden. O, ik zeg u nogmaals: De hemel is een plaats; een werkelijke, letterlijke, tastbare plaats. In de hemel is een stad, even stoffelijk, even letterlijk, even tastbaar als Amsterdam of Londen. Jezus zeide, dat Hij heenging, om ons een plaats te bereiden. Hoe wonderschoon en heerlijk die plaats zal zijn, vermag geen pen te beschrijven, geen mensentong uit te spreken. Dat overtreft onze stoutste verwachtingen.

In zes dagen heeft Jezus Christus de hemel en de aarde gemaakt, en alles wat daarin is. 'Zonder Hem is geen ding gemaakt, dat gemaakt is' (Joh. 1 . 3). Als Hij in zes dagen zoveel wonderen gemaakt heeft, welke rijkdommen en heerlijkheden moet de Heiland dan wel bereid hebben gedurende de 1900 jaren, waarin Hij ons plaats bereidt in het huis Zijns Vaders. 'gelijk geschreven is: hetgeen het oog niet heeft gezien, en het oor niet heeft gehoord en in het hart des mensen niet is opgeklommen, hetgeen God bereid heeft dien, die Hem liefhebben' 11 Kor. 2: 9].

Waar is de hemel?
Waar Is de hemel? Dat heb ik me dikwijls afgevraagd. In elk geval is de hemel 'boven'. Jezus voer op naar de hemel. 'En als hij dat gezegd had, werd Hij opgenomen, terwijl zij het zagen' (Hand. 1: 9). 'Alzo voer Elia op naar de hemel met een onweder' (2 Kon. 2: 11). Zelfs Paulus, toen hij; bijzondere openbaringen van de Here ontving, werd 'opgetrokken tot in de derde hemel' (2 Kor. 12: 2) en 'opgetrokken in het paradijs' (2 Kor. 12: 4). Paulus kende tenminste zo iemand, die tot zulk een hoogte was opgetrokken. Ik geloof, dat hij het zelf geweest is. De hemel is dus 'boven'. En als wij naar de hemel gaan, dan zullen wij 'opvaren', of 'opgetrokken', of 'opgenomen' worden. Daarom hebben wij nu reeds onze ogen opwaarts gericht en zingen wij:

't Hoofd omhoog, het hart naar boven,
Hier beneden is het niet.
't Ware leven, lieven, loven,
Is daar, waar men Jezus ziet.

De hemel is waar Christus is.
Waar ergens in Gods onmetelijk heelal de hemel ook mogen zijn, een ding is ontwijfel-baar zeker: Voor de Christen is de hemel, daar waar Christus is. Wij zullen 'voor altijd met de Here' zijn. Wij is nu in de hemel bij Zijn Vader. Maar eens zal Hij uit de hemel nederdalen, om ons tot zich te nemen, en te brengen in het huis Zijns Vaders. Maar spoedig na deze wonderbare gebeurtenis, zal Christus op aarde wederkeren, om als Koning te heersen. De engel zeide tot Maria: 'En God, de Here, zal Hem de troon van Zijn Vader David geven en Hij zal over het huis Jacobs Koning zijn in der eeuwigheid en Zijns Koninkrijks zal geen einde zijn' (Luk. 1: 32, 33). En in Mattheüs 25: 31 lezen wij: 'Wanneer de Zoon des mensen komen zal in Zijn heerlijkheid en alle heilige engelen met Hem, dan zal Hij; zitten op de troon Zijner heerlijkheid'. Als de Here Jezus komt, om op aarde te heersen: dan zullen wij, als Zijn heiligen, met Hem komen. Wij zullen immers 'voor altijd met de Here' zijn l1 Thess. 4: 18). Wij zullen nimmermeer van Hem gescheiden worden. Waar Hij is, daar zullen ook wij zijn. Als Hij op aarde wederkomt, dan zullen wij 'met Hem' wederkomen. Als Hij; op aarde als Koning heerst, dan zullen wij met Hem als Koning heersen. In Openbaring 5: 10 horen wij de lofprijzingen van de verloste heiligen in de hemel. En zij zeggen, dat Christus 'ons onze God gemaakt heeft tot Koningen en priesters en wij zullen als koningen heersen op de aarde'. De Schrift zegt: 'Indien wij verdragen, wij zullen ook met Hem heersen' (2 Tim. 2: 15). Openbaring 20: 6 zegt: 'Zalig en heilig is hij, die deel heeft in de eerste opstanding... zij zullen priesters van God en van Christus zijn en zij zullen met Hem als Koningen heersen duizend jaren'. Gedurende een periode van duizend jaren zal voor de Christen de hemel op aarde zijn.

De dagen van de hemel op aarde.
De heerschappij van Christus op aarde wordt ons in talrijke Oud-Testamentische profetieën geschilderd. Lees eens Jesaja 11: 1-16 en Micha 4. O, de vrede en blijd-schap op de aarde, als Christus zal heersen als Koning der koningen en Here der heren. Dan zullen de volkeren 'hun zwaarden slaan tot spaden en hun spiesen tot sikkelen, het ene volk zal tegen het andere volk geen zwaard opheffen en zij zullen de oorlog niet meer leren' (Micha 4: 3). En de heidenen zullen de ware God dienen in vrede en heiligheid. 'Alsdan zullen der blinden ogen open gedaan worden en der doven oren zullen geopend worden: alsdan zal de kreupele springen als een hert, en de tong des stommen zal Juichen... en de vrijgekochten des Heren zullen wederkeren en tot Zion komen met gejuich en eeuwige blijdschap zal op hun hoofd wezen; vrolijkheid en blijdschap zullen zij verkrijgen, maar droefheid en zuchting zullen wegvlieden Jesaja 35: 5-10).

Daarna, na het einde van deze duizend Jaren, zal de laatste zondaar worden geoordeeld, en de aarde door vuur worden gereinigd van alle vlekken der zonde. Vervolgens zal het Nieuwe Jeruzalem, dat thans in de hemel is, uit de hemel nederdalen op de nieuwe aarde. Dan zal deze wonderlijke stad Gods op aarde zijn en 'de tabernakel Gods' bij de mensen. 'En de stad behoeft de zon en de maan niet... want de heerlijkheid Gods heeft haar verlicht en het Lam is haar Kaars' (Op. 21: 23). Dan 'zal HIJ bij hen wonen en zij zullen Zijn volk zijn en God zelf zal bij hen en hun God zijn. En God zal alle tranen van hun ogen afwassen en de dood zal niet meer zijn, noch rouw, noch gekrijt, noch moeite zal meer zijn: want de eerste dingen zijn weggegaan' (Op. 21: 3, 4).

O, moge God de hemel voor ons een werkelijkheid maken. Het is een werkelijke plaats, een stoffelijke, letterlijke plaats, voor ons bereid door de Heiland.

Lichamen in de hemel.
Laten wij ons herinneren, dat Jezus naar de hemel ging met een stoffelijk lichaam. Zijn lichaam kwam uit Jozefs nieuwe graf. Tot Zijn verbaasde discipelen, die bevreesd waren, toen zij Hem zagen, zeide Jezus: 'Een geest heeft geen vlees en beenderen, gelijk gij ziet, dat Ik heb' (Luk. 24: 39). Hij zeide: 'Ik ben het Zelf tast Mij aan en ziet'. Thomas werd uitgenodigd, om zijn hand in zijn zijde te leggen (Joh. 20: 27). Johannes, de geliefde apostel, sprak over Jezus als Degene, Die 'onze handen getast hebben' (1 Joh. 1: 1). Op het eiland Patmos legde de verheerlijkte Heiland Zin hand op het hoofd van deze zelfde apostel. Ik zeg nog eens, Jezus heeft in de hemel een fysiek lichaam, een lichaam van vlees en beenderen, een tastbaar en stoffelijk lichaam. De engelen zeiden tot de discipelen op de olijfberg, van waar Jezus opvoer naar de hemel: 'Deze Jezus, die van U opgenomen is naar de hemel, zal alzo wederkomen' (Hand. 1: 11). Ze zeiden: 'Deze Jezus.' De Jezus in de hemel is niet een andere, maar Dezelfde. De Jezus, Die zal wederkeren voor Zijn heiligen, is niet een andere, maar Dezelfde. Als Hij naar Jeruzalem komt, zullen de Joden Hem zien, Dien zij doorstoken hebben (Zach. 12: 10). Zij zullen zeggen: 'Wat zijn deze wonden in Uw handen? Hij zal antwoorden: 'Het zijn de wonden waarmede Ik geslagen ben in het huis Mijner liefhebbers' (Zach. 13: 6). Zijn voeten zullen in die dag staan op de Olijfberg Zach. 14: 4). Jezus heeft in de hemel handen en voeten, dezelfde handen en voeten waarmede Hij heenging; handen en voeten met de gezegende tekenen der nagelen. En deze zelfde Jezus is nu in de hemel met een fysiek lichaam. Het kan dus niet anders, de hemel moet een werkelijke, letterlijke, fysieke plaats zijn.

Henoch.
Henoch heeft in de hemel een fysiek lichaam. Hij is nimmer gestorven. Wij lezen: 'Henoch wandelde met God en hij; was niet meer, want God nam hem weg' Gen. 5: 24). In Hebreeën 11: 5 wordt ons duidelijk gezegd: 'Door het geloof is Henoch weggenomen geweest, opdat hij de dood niet zien zou en hij werd niet gevonden, daarom, dat God hem weggenomen had'. Deze woorden zijn duidelijk. Henoch stierf niet. De mensen hebben gezocht naar zijn lichaam maar 'hij werd niet gevonden', omdat het zijn lichaam was, dat werd weggenomen, letterlijk en fysiek opgenomen in de hemel. Het lichaam van Henoch stierf niet. Daarom moet het vandaag nog leven. Zijn lichaam werd op aarde niet gevonden, omdat het onmiddellijk opgenomen werd in de hemel. Henoch ging rechtstreeks naar de hemel. God zond Henoch niet ergens heen, maar Hij nam hem weg. Sindsdien is Henoch met een werkelijk fysiek lichaam in het gelukzalige tehuis van God en van de engelen en van de ontslapenen.

Elia.
De Schrift zegt ons uitdrukkelijk, dat op aandringen van twijfelaars vijftig mannen drie dagen lang gezocht hebben naar het lichaam van Elia. Zij vonden het niet. Het was niet op de aarde, maar in de hemel. Het fysieke lichaam van Elia is in de hemel'. Hij voer op naar de hemel in een onweder' (2 Kon. 2: 11). Van alle mensen, die ooit op aarde geleefd hebben, weten wij slechts van deze twee, Henoch en Elia, dat zij de hemel zijn ingegaan, zonder te sterven. Zij werden veranderd, terwijl zij leefden, en lichamelijk opgenomen in de hemel. Van Elia lezen wij, dat hij in een wagen met vurige paarden de hemel binnen reed 12 Kon. 2: 11).

Wij weten dus, dat er minstens drie personen in de hemel zijn, die fysieke lichamen hebben: Jezus, Henoch en Elia.

De lichamen van Henoch en Elia waren geen 'opstandingslichamen'. Zij zijn nimmer gestorven en konden dus ook niet opgewekt worden. In 1 Kor. 15: 20 lezen wij: 'Maar nu Christus is opgewekt uit de doden en is de Eersteling geworden dergenen die ontslapen zijn'. Christus is de Eerste, die lichamelijk uit de doden werd opgewekt. Maar toen Christus terugkeerde naar de hemel met Zijn verheerlijkt opstandingslichaam, waren Henoch en Elia daar reeds met hun fysieke lichamen.

De heiligen te Jeruzalem.
Wij weten, dat er nog meer heiligen reeds met hun eigen, verheerlijkte opstandingslichamen in de hemel zijn. Toen Jezus opstond uit de doden en uit het graf verrees met Zijn eigen verheerlijkt, tastbaar lichaam, kwamen vele andere lichamen uit hun graven. In Mattheüs 27: 52, 53 lezen wij: 'En de graven werden geopend, en vele lichamen der heiligen die ontslapen waren, werden opgewekt; en uit de graven uitgegaan zijnde na Zijn opstanding, kwamen zij in de heilige stad en zijn velen verschenen'. Let goed op, dat dit schriftgedeelte over lichamen spreekt, letterlijke, fysieke lichamen. Ongetwijfeld zijn deze lichamen niet naar het graf teruggekeerd, maar rechtstreeks naar de hemel gegaan. In de hemel zijn dus reeds vele mensen met hun eigen, fysieke lichamen van vlees en beenderen, met handen en voeten. Dank God, de hemel is een werkelijke plaats.

De ontslapen heiligen.
Verder acht ik het op z'n minst waarschijnlijk, dat ook de ontslapen heiligen in de hemel tijdelijk bekleed zijn met een of ander soort van menselijke lichamen, wachtend op de opstanding van hun eigen lichamen. In elk geval weten wij, toen Mozes verscheen op de berg der verheerlijking met Elia, om met Jezus te spreken. dat hij zichtbaar was voor het oog van de discipelen. Zo zichtbaar, dat Petrus het voorstel deed, om voor hem een tent te bouwen. Hieruit blijkt duidelijk, dat hij niet dacht met de geest van Mozes te doen te hebben. Neen, Mozes, die gestorven was en wiens lichaam door de Engel des Heren begraven werd (Deut. 34: 5, 6), verscheen zichtbaar en tastbaar voor de ogen der discipelen. Toen Samuel uit de doden werd teruggeroepen, verscheen hij zichtbaar voor Saul en de waarzegster van Endor (1 Sam. 28: 12). Zij zagen hem 'met een mantel bekleed' (vs. 14). In de hel zag de rijke man Abraham en hij zag Lazarus in zijn schoot (Luk. 16: 23). Johannes zag 'onder het altaar de zielen dergenen die gedood waren, om het getuigenis dat zij hadden'. Als de zielen van onze geliefden in de hemel geen lichamen hebben, dan zouden Zij onzichtbaar zijn voor de mensen en zeker geen 'witte kleding' kunnen dragen, zoals van de martelaren onder het altaar gezegd wordt (Op. 6: 11).

2. ONMIDDELLIJK NA HET STERVEN IN DE HEMEL
Er zijn mensen, die denken, dat bij het sterven de zielen der ontslapenen naar een of andere 'tussenplaats' gaan. Zij kunnen zich niet indenken, dat een mens zo maar ineens de heerlijkheid des hemels kan binnengaan. Anderen beweren, dat zij eerst een periode van loutering moeten doormaken, voordat de poort des hemels voor hen ontsloten wordt. De Rooms Katholieken spreken van het 'vagevuur', als een plaats van lijden en loutering. In de bijbel vinden we over dit alles echter geen woord. De bijbel kent geen 'tussenstaat' tussen hemel en hel, maar leert duidelijk, dat zij die voor hun zaligheid in Christus geloofd hebben, onmiddellijk na het sterven de hemel zullen binnengaan. Anderen leren de 'zieleslaap'. Zij leren, dat bij de dood van een Christen zijn ziel in slaap valt en pas ontwaakt bij de opstanding van zijn lichaam.

Misschien is deze gedachte ontstaan door het Bijbels gebruik van het woord 'slaap' voor de dood van een gelovige. In 1 Thess. 4: 14 lezen wij: 'Alzo zal ook God degenen, die ontslapen zijn in Jezus, wederbrengen met Hem'. Van Stefanus wordt gezegd, dat 'hij; ontsliep' (Hand. 7: 10). Het is echter alleen het lichaam, dat slaapt. Het lichaam rust. De ogen zien niet meer, de oren horen niet meer, de tong spreekt niet meer, de hersenen werken niet meer. De lichamen van de gestorven heiligen slapen in het bed van stof, totdat Jezus hen van daaruit zal opwekken bij Zijn wederkomst. Vele, vele schriftplaatsen maken echter duidelijk, dat hun zielen niet slapen. De dood betekent voor de Christen geen bewusteloosheid, duisternis of vergetelheid, maar het binnengaan van een nieuwe, stralende dag van volmaakt en heerlijk leven. De dood is niet het einde van het leven. Het is slechts het einde van het moeilijkste deel van het leven voor de Christen. Omdat de ziel eeuwig is, is het leven eindeloos. Het kortste deel van het leven brengen wij door in een sterfelijk lichaam. Het langste deel brengen wij door aan de andere zijde van de smalle doodsrivier. De Schrift zegt dat het leven op aarde is als 'een damp, een zucht'. Hier zijn tranen, leed en smart, maar daar zijn wij van al deze dingen voor eeuwig verlost. Onze geliefden in Christus hebben niet opgehouden te bestaan, toen zij van ons heengingen. Zij leven vandaag bewuster en genieten meer van het leven, dan zij ooit op aarde gedaan hebben. Hier waren zij gebonden door zwakheden des vlezes. Nu zijn zij daarvan bevrijd en wandelen in de kracht van onvergankelijk leven. Deze gezegende waarheid wordt bevestigd door de geschiedenis van de stervende moordenaar aan het kruis. Deze gelovige misdadiger wendde zich in zijn stervensuren tot Jezus, die naast hem aan het kruis hing en zeide: 'Here gedenk mijner, als gij in uw koninkrijk zult gekomen zijn'. Deze man wist niets van de hemel. Maar hij wist des te meer over het beloofde, komende Koninkrijk van Christus, de Messias. Jezus vergaf deze berouwvolle zondaar en beloofde hem zaligheid . niet al leen in de nog ververwijderde dag van Zijn Koninkrijk, maar onmiddellijk: 'Heden zult gij met Mij in het Paradijs zijn'. Hij ging tegelijk met Jezus het Paradijs Gods binnen.

In Lucas 16: 19-31 verklaart Jezus duidelijk, dat een Christen bij het sterven onmiddellijk naar de hemel gaat. Wij lezen: 'En het geschiedde, dat de bedelaar stierf en van de engelen gedragen werd in de schoot Abrahams'. Lazarus ging niet naar een 'tussenplaats', maar regelrecht naar de hemel waar Abraham was. Dus ook geen 'zieleslaap'. En Paulus zegt: 'Ik word van deze twee gedwongen, hebbende begeerte om ontbonden te worden en met Christus te zijn; want dat is zeer verre het beste' (Fil. 1: 23). En in 2 Kor. 5: 8 getuigt dezelfde apostel: 'Maar wij hebben goede moed en hebben meer behagen om uit het lichaam uit te wonen en bij de Heer in te wonen'. Iedere heilige, die uit het lichaam uitwoont, woont dus bij de Here in. Als de gelovige sterft, wordt hij door engelen Gods regelrecht naar het hemelse Tehuis gedragen, waar Christus is en waar de Vader is.

4. IS HERKENNING IN DE HEMEL MOGELIJK?
Zullen de gelovigen elkaar ook herkennen in de hemel? Zullen onze geliefden hun persoonlijke, karakteristieke kenmerken, waaraan wij hen op aarde gekend hebben, in de hemel ook behouden? Gode zij dank kunnen wij deze vraag volkomen zeker met 'Ja' beantwoorden. Als wij in Christus ontslapen en door Gods engelen 's hemels zalen worden binnengedragen, dan zijn wij verlost van onze menselijke zwakheden en ook van de aanwezigheid der zonde in ons.

Dat betekent een enorme verandering en een wonderbare vooruitgang. Ontbonden te worden om met Christus te zijn, is verreweg het beste. Maar welke veranderingen wij bij het sterven ook zullen ondergaan, onze persoonlijkheden blijven nochtans dezelfde. Het volmaakte zal volmaakt worden. Het onvolkomene zal volkomen worden. Wat ons hier ontbreekt, zal daar worden aangevuld. Onze geliefden, die ons zijn voorgegaan, zijn in de hemel precies dezelfde mensen, als wij op aarde gekend hebben. Abraham in de hemel was dezelfde als Abraham op de aarde. Lazarus, de arme bedelaar, was ziek; nu is hij gezond. Hij was een bedelaar: nu is hij; rijk. Hij was in lijden, nu wordt hij getroost. Onnoemelijk veel was er in zijn leven veranderd, toen de engelen hem in de schoot van Abraham droegen, maar hij bleef dezelfde Lazarus. Hij werd daarom ook ogenblikkelijk herkend door de rijke man in de hel.

In 1 Kor. 13: 12 lezen wij de bekende woorden: 'Want wij zien nu door een spiegel in een duistere rede, maar alsdan zullen wij zien van aangezicht tot aangezicht, nu ken ik ten dele, maar alsdan zal ik kennen, gelijk ik ook gekend ben'. O, in de hemel zullen wij elkaar beter kennen, dan wij elkaar ooit op aarde gekend hebben. Hier op aarde 'zien wij aan wat voor ogen is, maar de Here ziet het hart aan' (1 Sam. 16: 7). Wij kunnen elkaar hier van harte liefhebben en elkaar soms toch nog verkeerd begrijpen . Door een enkel misverstand worden soms de hechtste vriendschapsbanden verbroken. Wij beoordelen onze broeders of zusters vaak verkeerd, omdat wij hun ware motieven en verlangens niet kennen. Wij kunnen alleen maar zien door een donkere spiegel. Wij zien hun ogen, wij horen hun woorden, maar wij kunnen niet zien, wat in hun harten leeft. Niemand onzer kan naar een vriend kijken en met zekerheid vaststellen of hij liegt of de waarheid spreekt. Een moeder is niet in staat, om haar liefde voor haar kind in woorden uit te drukken. Alleen in de hemel zullen wij weten, hoe lief sommige mensen ons hadden. In de hemel gaan onze harten voor elkaar open. Hier zien wij aan 'wat voor ogen is'. Hier zien wij door een spiegel in een duistere rede. Hier kennen wij ten dele, maar alsdan zal ik kennen, gelijk ook ik gekend ben. Wij zullen zien van aangezicht tot aangezicht. Wij zullen elkaar niet meer kunnen misverstaan. Onze liefde jegens elkander zal nimmer kunnen verkoelen, omdat zij voortkomt uit reine harten. Wij zullen elkaar niet meer onwetend verdriet kunnen doen. Alle gereserveerdheid tegenover elkaar zal voor altijd verdwenen zijn. En wij zullen in de hemel niet alleen kennen, die wij op aarde gekend hebben. Wij zullen al de heiligen kennen. Niemand zal mij behoeven voor te stellen aan Paulus, of aan David, of aan Barnabas, of aan de martelaar Stefanus, of aan Maria, de moeder van Jezus. De discipelen herkenden Mozes en Elia op de berg der verheerlijking, hoewel zij hen nooit eerder gezien hadden. De rijke man in de hel herkende aan de andere zijde van de kloof Lazarus en Abraham. Zowel in de hemel als in de hel behouden de mensen al hun zintuigen. Ofschoon hun lichamen nog in het graf zijn, zien zij alsof zij ogen hebben, horen zij alsof zij oren hebben, spreken zij alsof zij tongen en lippen hebben. De rijke man in de pijn zag Abraham en Lazarus. Zij hoorden elkaar spreken. De rijke man voelde de pijn in de hel. Lazarus werd even zintuiglijk getroost in de hemel, als de rijke man gekweld werd in de hel. Onze geliefden bij de Here kunnen zien, horen, spreken en zingen. Zij voelen zich volmaakt gelukkig. Het leven is voor hen in heerlijkheid voller, rijker, heerlijker dan voor ons op aarde. Hun kennis is volmaakt. Hier Is het leven voor ons vaak een raadsel. Hier begrijpen wij dikwijls Gods leiding en Gods bedoeling niet. Hier zijn vele 'Waaroms?' waarop wij geen antwoord weten. Jezus wist dat van tevoren en zeide: 'Wat lk doe weet gij nu niet; maar gij zult het na dezen verstaan' Joh. 13: 7).

Behalve het getuigenis der schriften hebben wij ook nog het getuigenis van een groot aantal stervenden, dat het bewustzijn bij de dood niet ophoudt. Hoeveel Christenen hebben op hun sterfbed niet getuigd, dat zij de engelen hoorden zingen, dat zij Jezus zagen en hun geliefden, die hen voorgegaan waren. De stervende Stefanus, vol des Heiligen Geestes, zag Jezus staande ter rechterhand Gods in de hemel. Dat was geen hallucinatie, maar wonderbare werkelijkheid. Stefanus zag Jezus werkelijk en hij getuigde er van voor hij stierf. In dat korte ogenblik, waarop de poorten des hemels ontsloten werden om hem binnen te laten en voordat zij de laatste menselijke adem uitbliezen, konden vele stervende Christenen hun geliefden onderscheiden. Dank God, wij zullen elkaar herkennen in de hemel. Wij zullen daar met elkaar omgaan, zoals wij hier met elkaar omgingen. Wij zullen met elkaar gemeenschap hebben, zoals wij hier gemeenschap hadden. Wij zullen elkaar liefhebben, zoals wij elkaar hier liefhadden. Maar dit alles op een schoner, volmaakter en heerlijker wijze. Wij zullen met elkaar spreken over Gods wonderbare leidingen en voorzieningen, toen wij nog op aarde leefden. Onze kennis en ons geheugen zullen volmaakt zijn. Wij zullen ons ons leven op aarde herinneren. Wij zullen samen zingen en telkens weer overvloedige reden vinden, om ons aanbiddend te buigen voor de troon van God en van het Lam, voor alle liefde en genade ons bewezen. 'De gemeenschap der heiligen', hier op aarde reeds zulk een zegenrijke ervaring, zal in de hemel een wonderbare, volmaakte en eeuwige werkelijkheid zijn.

5. NEMEN DE HEMELSE HEILIGEN ONS OP AARDE WAAR?
Deze vraag leeft In miljoenen harten. Uw moeder is in Christus ontslapen. Gods engelen hebben haar als 'gedienstige geesten' door 's hemels paarlen poorten binnengedragen. U hebt haar peinzend nagestaard. Menigmaal hebt u aan de nachtelijke hemel gestaard naar de fonkelende sterren en u afgevraagd, waar ergens in die oneindige ruimte zij zou zijn 'bij de Here'. Kan zij; u zien? Neemt zij u waar? Denkt zij nog aan u? Heeft zij u nog lief? Weten onze geliefden in de hemel, wat er op aarde gebeurt? O, Gode zij dank, dat het Woord van God antwoord geeft op deze vragen met een duidelijk 'Ja'. Zij weten, wat er op aarde gebeurt. Zij hebben er zelfs intense belangstelling voor. Misschien vraagt iemand: 'Hoe kan een moeder in de hemel gelukkig zijn, als zij weet, dat haar zoon op aarde in de zonde leeft en Christus verwerpt. Hoe kunnen de mensen in de hemel gelukkig zijn, als zij op de hoogte zijn van alle droefheid en goddeloosheid, van alle ziekte en zonde, van alle oorlogen en ellende in deze arme, goddeloze wereld? Maar laat mij u een andere vraag stellen, die antwoord geeft op deze. Hoe kan de Here Jezus gelukkig zijn in de hemel? Toch weet Hij alles, wat op aarde gebeurt. Hij; weet zelfs, wat er in de hel gebeurt. Hij weet van elk musje, dat van het dak valt. Hij heeft elke haar op elk menselijk hoofd geteld. Hij kent het hart van elke ongeredde zondaar. Hij is bedroefd over de zwakheden en gebreken en nederlagen van elke Christen Kan Jezus gelukkig zijn? Wij; weten, dat de Schrift antwoordt: 'Om de arbeid Zijner ziel zal Hij zien en verzadigd worden' Jes. 53: 11). Wij weten, dat Jezus op aarde uitzag naar de vreugde des hemels. Want er staat van Hem geschreven: 'Die voor de vreugde die Hem voorgesteld was, het kruis heeft gedragen en schande veracht, en is gezeten aan de rechterhand van de troon Gods' (Hebr. 12: 2). Ja, Jezus is gelukkig in de hemel, hoewel Hij alle goddeloosheid van deze wereld kent. Zo zijn ook de heiligen in de hemel gelukkig. Wij begaan dikwijls de fout, dat wij de hemelse heiligen meten met de standaards van arme, vleselijke, aardsgezinde Christenen. Ik heb een last voor zondaren op mijn hart, maar o, de blijdschap des Heren, die soms mijn ziel zelfs hier op aarde vervult en zoveel te meer als ik straks bij Hem zal zijn.

Geliefde Christen, u kunt er zeker van zijn, als u naar de hemel gaat, dat u volkomen verzadigd en volmaakt gelukkig zult zijn met alles, wat de Here doet. En als, bij het laatste oordeel, de Here Jezus zondaars voor eeuwig naar de 'poel des vuurs' zendt, onbekeerde zondaars die niets met Jezus te doen wilden hebben, zondaars die het pleiten van de Geest verworpen hebben, die het bloed van Christus met voeten getreden hebben, dan zal iedere moeder 'Amen' zeggen op de rechtvaardige veroordeling van haar jongen. En God zelf zal al haar tranen afwissen, er zal geen geschrei meer zijn noch pijn, 'want de eerste dingen zijn weggegaan'. Zeker, in de hemel weet men, wat op aarde plaats heeft. Dat blijkt duidelijk uit vele schriftelijke voorbeelden.

Samuël.
Daar is het geval van Samuel, die stierf. Koning Saul ging naar de waarzegster van Endor, en vroeg haar, om Samuel op te roepen. Hij wilde hem om raad vragen. Ik weet, dat waarzeggerij en spiritisme door God verboden zijn. Ik weet niet, waarom God in dit geval Samuel toestond, om In eigen persoon aan Saul te verschijnen. Maar het gebeurde. En wij zien dat Samuel, die reeds tot zijn vaderen verzameld was, uit het dodenrijk uit 'de schoot Abrahams' terugkeert, en precies wist, wat op aarde gebeurde. Meer nog, hij; wist zelfs, wat morgen gebeuren zou. In 1 Sam. 28: 16-19 lezen wij, wat Samuel tot Saul zeide: 'De Here zal ook Israël met u in de hand der Filistijnen geven en morgen zult glij en uw zonen bij mij zijn; ook zal de Here het leger Israëls in de hand der Filistijnen geven'. Samuel wist, wat er op aarde gebeurde. En hij wist waarom. Hij kende de zonde van Saul, kende de plannen van God. Hij; wist, wat er de volgende dag zou gebeuren. Dit is stellig een bewijs, dat de hemelse heiligen weten, wat plaats heeft op aarde.

De rijke man en Lazarus.
De rijke man in de hel nam met de grootste bezorgdheid waar, wat er op aarde gebeurde. Hij zeide: 'Ik bid U dan vader, dat gij hem zendt tot mijns vaders huis, want ik heb vijf broers; dat hij; hun dit betuige, opdat ook zij niet komen in deze plaats der pijniging' Lucas- 16: 27, 28). Abraham wist er nog meer van dan hij, en zeide: 'Indien zij Mozes en de profeten niet horen, zo zullen zij ook, al ware het dat er iemand uit de doden opstond, zich niet laten gezeggen'. Merkwaardig dat men in de hemel en in de hel zulk een grote belangstelling heeft voor de bekering van een zondaar, terwijl wij er op aarde zo vaak onverschillig voor zijn.

Mozes en Elia.
Mozes en Elia ontmoetten Jezus op de berg der verheerlijking. Zij wisten wat er op aarde zou gebeuren en spraken daar over met de Heiland. 'Zij spraken over Zijn uitgang, die Hij te Jeruzalem zou volbrengen' (Luk. 9: 31). De heiligen in de hemel wisten, wat Jezus zou doen op aarde. Zij kenden de loop der gebeurtenissen, die Jezus regelrecht naar het kruis zouden voeren. Zij spraken met Hem over Zijn dood in Jeruzalem. Is het niet duidelijk, dat de heiligen in de hemel weten, wat er op aarde plaats heeft?

De zielen onder het altaar.
En leest u thans eens Openb. 6: 9-11. Hier zag Johannes in de hemel de zielen van hen, die gedood waren om hun Christelijk getuigenis. Zij hadden nog geen opstandingslichaam.

Zij waren verzameld onder het altaar van de tempel in de hemel en riepen: 'Hoe lang, o heilige en waarachtige Heerser, oordeelt en wreekt Gij ons bloed niet van degenen, die op de aarde wonen' Deze hemelse heiligen zien de strijd, de vervolging van de ge-lovigen, de goddeloosheid, de ongerechtigheid op aarde. Hun arme harten roepen tot God, dat Hij de zonde zal straffen, en de heiligen zal wreken. Met de grootste bezorgdheid volgen zij de gebeurtenissen in deze wereld. Maar Gode zij dank, worden zij niet onwetend en ongetroost gelaten. God verklaart hen vol liefde, hoe de verdere loop der gebeurtenissen op aarde zal zijn. Hemelse leraars tonen hen, dat zij niet bedroefd behoeven te zijn, dat de zonde uiteindelijk gestraft zal worden, en dat Christus zal heersen! O, laten wij God danken, dat de heiligen in de hemel op ons neerzien met de grootste belangstelling. Onze geliefde doden, die leven in Christus, weten wat wij dagelijks doen.

Blijdschap in de hemel.
En waarnaar gaat hun belangstelling in de allereerste plaats uit? Op deze vraag geeft Jezus zelf een duidelijk antwoord. Wij lezen in Lucas 15: 10: 'Ik zeg ulieden, er is blijdschap bij de engelen Gods over een zondaar, die zich bekeert'. Wie is 'bij de engelen'? Wij kunnen er zeker van zijn, dat de Here Jezus daar Is en zich verheugt, over zielen die gered worden. Maar vergeet niet, dat daar ook de heiligen zijn. Zij zijn met Christus. ongetwijfeld verheugen zij zich en loven zij God voor elke zondaar, die zich op aarde bekeert,

De wolk der getuigen.
In Hebr. 11 geeft God ons de erelijst der geloofshelden: Abel, Henoch, Noach, Abraham, Izaäk, Jakob, Sara, Gideon, Barak. Simson, Jefta en ongenoemde martelaren des geloofs 'welken de wereld niet waardig was'! De wonderbare climax van dit hoofdstuk vinden wij in Hebr. 12: 1, 2: 'Daarom dan ook, alzo wij; zo groot een wolk der getuigen rondom ons hebben liggende, laat ons afleggen alle last en de zonde. die ons lichtelijk omringt en laat ons met lijdzaamheid lopen de loopbaan die ons voorgesteld is, ziende op Jezus, de Overste Leidsman en Voleinder des geloofs...' Omringd door zo grote wolk der getuigen! O, wij kunnen er zeker van zijn, dat alle heiligen en geloofshelden van God in de hemel met de grootste interesse neerblikken op ons, die onze loopbaan nog moeten lopen. De geheiligde miljoenen hebben hun loopbaan op aarde reeds gelopen. Zij zijn de eindstreep reeds gepasseerd. Nu zitten zij op de hemelse tribunes en kijken neer op ons, die hun plaatsen hebben ingenomen. O, Christenen, met het oog op deze grote schare, die ons omringt en gadeslaat, laten wij afleggen alle last en de zonde, en een goede loopbaan lopen. O, ik geloof, dat de hemelse heiligen weten, wat hier op aarde voorvalt. Zij weten, zoals Jezus weet. Zij zien niet door een donkere spiegel, maar van aangezicht tot aangezicht. God heeft geen geheimen voor Zijn geliefden, die in Zijn tegenwoordigheid binnengingen en zich verlustigen in Zijn voorhoven. Zij weten, wat wij op aarde doen. Hemelse getuigen zien ons, elke stap die wij doen. Wij zijn hen dierbaar: zij begrijpen onze harten; zij zien verlangend naar ons uit, totdat ook wij de eindstreep behaald hebben en de hemel binnengaan.

6. HET STERVEN IS GEWIN
Wij Christenen doen vaak als heidenen. Wij prediken, dat het heerlijk is een Christen te zijn en dat het 'sterven gewin is' en dat de hemel een wonderbare plaats is. Maar als een van onze geliefden sterft, doen wij net, of dit alles een leugen is.

Onze reacties zeggen, dat deze wereld beter is dan de volgende, dat de dood een tragedie is, en wanhopig roepen wij uit 'Waarom, waarom, waarom'? Wij klagen en zuchten bij de dood van onze geliefden en gooien ons getuigenis te grabbel . O, de Christelijke dood is geen tragedie, maar een wonderbare promotie. Het is niet een droevig einde, maar het heerlijke begin. Sommige mensen zeggen: 'Wat een tragedie, als iemand zo jong al moet sterven, maar dat is een leugen van Satan. Als een jonge Christen sterft. is dat niet droevig. maar heerlijk. Zeker wij missen onze geliefden, als zij sterven. Maar bedenk wel, dat ons treuren en klagen zelfzuchtig is; er is blijdschap in de hemel. Niemand in dat gezegend land zou, indien dat mogelijk was, willen terugkeren op aarde. Dat is de leer van de schrift. De dood is voor de zondaar verschrikkelijk, maar niet voor een kind van God. 'Zalig zijn de doden, die in de Here sterven van nu aan. Ja, zegt de Geest, opdat zij rusten mogen van hun arbeid en hun werken volgen met hen'. Paulus zegt door de Heilige Geest: 'Het sterven is mij gewin' Fil. 1: 21). Het is gewin, altijd gewin, als een Christen sterft. Het Is het beste, 'zeer verre het beste' om met Christus te zijn (Fil. 1: 23). Daarom behoren Christenen begerig uit te zien naar de hemel. Naar de komst van Jezus, en Hij kan vandaag komen, om Zijn verlosten op te nemen in heerlijkheid. Maar als Jezus vandaag niet komt, zalig zijn degenen, die in de Here sterven. Wij behoren schone liederen te zingen over de hemel. Wij behoren te verlangen naar zijn onuitsprekelijke rijkdommen. Wij behoren ons te verblijden over de zekerheid, dat wij eenmaal die hemel zullen binnengaan. Wij behoren heimwee naar het hemels vaderland te hebben. Laten wij eens nagaan wat het grote 'gewin' is, van iemand, die sterft en naar de hemel gaat.

1. De Christen gewint de tegenwoordigheid van Christus. Hij is met Christus en dat is 'zeer verre het beste'. Paulus verlangde Jezus te zien. Zo ook wij. Waar Jezus is, is de hemel. Ik kan nimmer ten volle beseffen, hoe lief Hij mij heeft. Ik weet, dat Hij mij liefheeft. Zijn Woord zegt het mij en ik ervaar het elke dag van mijn leven. Maar, hoe heerlijk zal het zijn, als ik Hem persoonlijk kan zien. Dan zal ik aan Zijn boezem kunnen liggen, zoals Johannes. Wij hebben Hem nu lief, hoewel Hem niet ziende. Hoe lief zullen wij Hem hebben, als wij Zijn aangezicht zien.

2. Het sterven zal gewin zijn, omdat wij in de hemel onze geliefden wederzien. Ik weet, dat er velen in de hemel zijn, die naar mijn komst uitzien. Hoe vaak hebben wij gezongen: 'Nu tot wederziens, zij het hier of aan de Godsrivier'. De heiligen zullen vergaderen aan de oevers van de rivier des levens. Zij zullen komen uit het oosten en het westen en het noorden en het zuiden en zullen aanzitten met Abraham, Izaäk en Jakob in het Koninkrijk Gods. O, het zal wonderbaar heerlijk zijn, onze geliefden in de hemel te ontmoeten.

3. Het sterven is 'gewin' voor de Christen, omdat hij bevrijd is van de aanwezigheid der zonde. Paulus riep uit met het oog op zijn zondige natuur: 'Ik ellendig mens, wie zal mij verlossen uit het lichaams dezes doods' (Rom. 7: 24). Dan zullen zij, die hongeren en dorsten naar gerechtigheid verzadigd zijn.

4. Daar zal geen verdriet meer zijn over zondige metgezellen. Lot kwelde zijn rechtvaardige ziel over de zonden van de mannen van Sodom. Samuels hart brak bijna, vanwege de zonden van Saul. Paulus had voortdurend smart over zijn broeders naar het vlees, die Christus verwierpen. Geprezen zij God, in de hemel zal er geen zonde meer om ons heen zijn, geen slecht gezelschap, geen vijanden, geen vervolgers.

5. In de hemel zullen onze tranen gedroogd en onze bedroefde harten vertroost worden. Abraham zeide tot de rijke man over Lazarus: 'Nu wordt hij vertroost en gij lijdt smarten' (Luk. 16: 25). De Heiland zeide: 'Zalig zijn zij, die treuren, want zij zullen vertroost worden' (Matt. 5: 4). Veel van deze troost zullen wij niet ontvangen, totdat wij in de hemel zijn. De Psalmist zegt: 'Des avonds vernacht het geween, maar des morgens is er gejuich' [Ps. 30: 6). De aarde is het tranendal. De hemel is een plaats van troost. God zelf 'wist alle tranen van onze ogen af'. Er is geen smart op aarde, die de hemel niet helen kan.

6. Een christen, die sterft, gewint rust. Hoe heerlijk moet het voor een heilige in de hemel zijn, om alle zorgen en lasten te mogen afleggen. Ik denk, dat het wonderbaar moet zijn, te zitten op de bank aan de oever van de rivier des levens, in de schaduw van bomen, die twaalf soorten vruchten dragen en wier bladeren zijn tot genezing der heidenen. 'Ja', zegt de Geest 'opdat zij rusten mogen van hun arbeid; en hun werken volgen met hen' (Op. 14 : 133.

En in Hebr. 4: 9 lezen wij: 'Er blijft dan een rust over voor het volk Gods'.

7. Sterven in Christus betekent eeuwig loon 'gewinnen'. Het betekent ingaan in de vrucht van al onze werken en de ontvangst van alle schatten, die wij in de hemel vergaderd hebben. Daarover sprak Paulus, toen Hij zeide: 'Ik heb de goede strijd gestreden, ik heb de loop geëindigd... voorts is mij weggelegd de kroon der rechtvaardigheid, welke de Here mij in die dag geven zal en niet alleen mij, maar ook allen die Zijn verschijning lief gehad hebben' (2 Tim. 4: 6-8).

Paulus wist, dat als hij ontbonden zou worden, om met Christus te zijn, dat hij de onuitsprekelijke vreugde zou hebben, zielen te zien, die hij door Zijn arbeid voor de Heiland gewonnen had. Zijn werken zouden hem volgen. Ook de profeet Daniel voorzag, dat 'de leraars zullen blinken als de glans des uitspansels en die er velen rechtvaardigen, gelijk de sterren, altoos en eeuwig' (Dan. 12: 31. O, welk een groot 'gewin' heeft iemand, die de aarde verlaat voor de hemel. Waarlijk, de Christen kan zeggen: 'Het sterven is mij gewin' en 'ontbonden te worden en met Christus te zijn, is zeer verre het beste'.

6. DE WEG NAAR DE HEMEL
Sinds de zondeval van Adam hebben mensen gezocht naar de weg tot de hemel. Om de hemel te winnen brachten mensen gaven naar toverdokters, brachten zij offers aan hun goden, betaalden zij gelden aan priesters, martelden zij zichzelf met verschrikkelijke pijnen.

Mensen offerden hun zonen in de vurige armen van Moloch; vrouwen wierpen hun baby’s voor de krokodillen in de Ganges-rivier; hopend de hemel te gewinnen. Pelgrims zijn door woeste en eenzame woestijnen getrokken, om hun knieën te buigen in Mekka; kruisvaarders zijn strijdend naar Jeruzalem getogen, om de zekerheid van vergeving hunner zonden te ontvangen en de hemel te gewinnen. Monniken hebben het leven vaarwel gezegd en beklommen met blote knieën stenen trappen, hopend de hemel te kunnen verdienen. Miljoenen gebeden zijn opgezonden, in de hoop, dat de hemelpoort zou opengaan. Mensen zochten een weg naar de hemel in het water van de doop, in het doen van hun belijdenis, in het lidmaatschap van een kerk, of in het brood en de wijn van het Heilig Avondmaal, Zij zochten de hemel door religieuze vormen, door het geven van gaven aan de armen en door goede werken. Maar niet een van deze dingen is de weg naar de hemel. Jezus heeft gezegd: 'Ik ben de weg, de Waarheid en het Leven; niemand komt tot de Vader dan door Mij' (Joh. 14: 6). Jezus Zelf is de weg naar de hemel. Hij is de enige Weg: Hij Is de 'enge Poort'. Hij; is de 'smalle Weg'. Elke andere weg is niet een weg naar de hemel, maar de brede weg, die tot het verderf leidt. Jezus zegt in Joh. 7: 37: 'Zo iemand dorst heeft, die kome tot Mij en drinke'. En in Mattheüs 11: 28: 'Komt herwaarts allen tot Mij die vermoeid en belast zijt, en Ik zal U rust geven'. Ware rust, ware zaligheid, ware vergeving worden niet gevonden door het lidmaatschap van een kerk, noch door de doop, noch door een rechtvaardig leven. Zij worden gevonden in Christus alleen. 'Die de Zoon heeft, heeft het leven; die de Zoon niet heeft, heeft het leven niet' (1 Joh. 5: 11, 12). Als u Jezus hebt, hebt u de weg naar de hemel. Zijn; stierf, om de weg naar de hemel te openen. Zijn bloed gestort op Golgotha's kruis betaalde voor 's mensen zonde. Toen Hij stierf, scheurde de voorhang des tempels van boven naar beneden. God demonstreerde, dat door de dood van Zijn Zoon elke barrière tussen Hem en de mens is weggenomen.

De hemel is open, voor ieder die met zijn zonden de toevlucht tot Jezus neemt. Hij stierf voor onze zonde, en werd opgewekt tot onze rechtvaardigmaking. Alles wat nodig was voor onze zaligheid, deed Jezus. Dezelfde Jezus, die stierf om zondaars te bereiden voor de hemel, is heengegaan om de hemel te bereiden voor geredde zondaars. De dag breekt aan. dat Hij wederkomt, om verloste zondaars bij zich Zelf in de hemel op te nemen. De enige weg, om zeker te zijn van de hemel, is, dat u Jezus aanneemt, als uw persoonlijke Heiland, die voor u stierf en alles voor u volbracht heeft. Zoudt u hem vandaag niet willen aannemen? Zoudt u nu niet tot Hem willen komen en alleen op Hem uw vertrouwen stellen? Jezus zeide: 'Die tot Mij komt, zal Ik geenszins uitwerpen' (Joh. 6: 37). Als u het doet, zullen ook eenmaal de parelen poorten van de hemel wijd voor u geopend worden.


reactie 1 | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 128

5 EURO bij aanmelding. 1 EURO per 2 vrienden. X EURO per bericht.

waarom Jezus en niet Boedha
Religie/Christendom | 27 December 2008 | 18:42:53
 
 
Je kunt Jezus absoluut niet vergelijken met iemand anders. Het christelijk geloof is totaal anders dan alle andere godsdiensten.
Wat zijn die verschillen dan?
De andere godsdiensten zijn pogingen van de mens om bij God te komen. Jezus doorprikte die ballon door te zeggen dat het voor een mens onmogelijk is om uit zichzelf bij God te komen. Het is totaal uitgesloten.

Waarom?

Omdat de mens beheersd wordt door het kwaad.
Allemaal hebben we meer last van negatieve neigingen dan we toegeven.
Egoïsme, oneerlijkheid, anderen kwetsen en vernederen, liegen voor ons eigen voordeel, roddelen, stelen, anderen misbruiken,...
Deze dingen maken onszelf en anderen niet werkelijk gelukkig.
Toch kunnen we ons best doen, om goed te leven. Maar uiteindelijk falen we allemaal toch weer. We zijn niet volmaakt. Het kwaad zit gewoon in ons gebakken, naast het goede. Het is voor een mens onmogelijk om uit zichzelf bij God te komen.

Hoe komt het dat het kwaad invloed heeft op de mens?

Omdat de mensheid zich heeft laten verleiden door het kwaad. De Bijbel beschrijft de geschiedenis van de eerste mensen, die bij God leefden en dolgelukkig waren. Op zeker ogenblik probeerde het kwaad de mensen te misleiden, door een aanlokkelijk voorstel te doen. De mens geloofde de sluwe leugens, en trapte erin. Het gevolg was dat het kwaad macht kreeg over de mens, die God niet geloofd had, en ongehoorzaam was. De mens had zich verwijderd van Gods waarheid en was een aanhanger van de leugen van het kwaad geworden. Het gevolg was dat er een scheiding kwam tussen God en de mens.

Deze geschiedenis kun je lezen in hoofdstuk 3 van Genesis (de Bijbel).

De mens kan het toch weer goed maken?

Jammer genoeg niet. De mens heeft zichzelf van Gods waarheid afgekeerd en staat sindsdien onder gezag van de leugen.
Deze leugen is een persoon, die eigenlijk de 'vader' van de leugen is. De Bijbel noemt hem duivel, ofwel Satan. Deze onzichtbare macht is de verpersoonlijking van het kwaad.
Hij is de uiteindelijke oorzaak van alle leugens, roddels, vernedering, oneerlijkheid, diefstal, misbruik, moord en oorlogen. Hij heeft zoveel macht over de mens, omdat we God niet geloofden en de leugen in ons bestaan toelieten.

Kan God daar niets aan doen?
Jawel. De enige manier om de mensheid te redden uit de klauwen van het kwaad, was door de mens los te kopen. De schuld van de mens moest gedragen worden door iemand die zelf onschuldig was. Daarom kwam Jezus.

Wie is Jezus eigenlijk?
De Bijbel legt uit dat Jezus altijd bij God heeft geleefd als 'het Woord', of anders gezegd als kennis, waarheid, wijsheid.
Hij was bij God en was zelf ook God. Door 'kennis en wijsheid' is alles geschapen. Zowel de machtige sterrenstelsels in het heelal als de miniscule, ongelooflijk complexe atomen, zijn gemaakt door 'wijsheid'. Door 'het Woord'.
Dat Woord was Jezus, voordat Hij mens werd.

Lees hierover in de eerste hoofdstukken van het evangelie van Johannes.
Alles is gemaakt door 'kennis en wijsheid'.

Waarom werd 'het Woord' opeens 'Jezus'?
De naam Jezus betekent Redder. Zijn volledige naam was Jezus Christus, wat betekent: Gods Redder die gezalfd is met de Geest van God, of simpelweg de Gezalfde Redder. Zijn naam maakt dus al duidelijk, waarom Hij geboren werd: om te redden.

Wie moest hij redden?

De hele mensheid. De vrouw uit wie Jezus geboren werd, was bevrucht door Gods Geest. De Schepper bracht zijn eigen zaad in het lichaam van een vrouw. De baby die daaruit voortkwam was Jezus, die juist daarom de Zoon van God wordt genoemd.
Ik kan me echt niet voorstellen dat zoiets mogelijk is. Je hoeft je het ook helemaal niet te begrijpen.
Je bent er gewoon te dom voor (oeps, sorry!).
Jij en ik zijn echt veel te onwetend om zoiets te kunnen vatten. Het is net zoals met zoveel dingen die met het bovennatuurlijke te maken hebben. Ik word tureluurs van mensen die zeggen, dat dit of dat 'onmogelijk' is. Het betekent toch niet, omdat wij met ons kilootje halfontwikkelde hersenen iets niet kunnen begrijpen dat het daarom 'dus' niet kan?
Ons inzicht is zo beperkt en toch spelen we zo graag voor allesweters.
Het betekent toch niet, omdat wij met ons kilootje halfontwikkelde hersenen
iets niet kunnen begrijpen dat het daarom 'dus' niet kan?
Oeioei, niet kwaad worden...
De Bijbel zegt dat God soms woedend is over onze eigenwijze domheid.
De mensen denken dat ze slim zijn, zegt God in de Bijbel, maar eigenlijk zijn ze blind. De wijsheid van mensen is dwaasheid in Gods ogen, staat er in de Bijbel.

Maar goed, ik dwaal af. God zorgde er dus voor dat er een mens werd geboren zonder erfzonde. Het scheppende Woord dat vlees werd. God werd mens. De onzichtbare God verwekte een kind in een gewone vrouw. Deze Zoon van God was dus zowel mens als God.
De eicel was menselijk en het zaad kwam rechtstreeks vanuit God.

Wat kwam Jezus eigenlijk doen?
Jou redden uit de klauwen van het kwaad. Dat betekent niet dat jij zo'n slechterik bent. Het gaat er helemaal niet om hoeveel misdaden je op je kerfstok hebt. De kwestie is, dat jij en ik geschapen zijn om dicht bij God te leven. In een omgeving waar alleen maar vreugde, liefde, vriendschap,
plezier, genot, licht en goedheid is. Nu is dat niet het geval.
Er rust een vloek op de mensheid. De mens is schuldig. Daarom ervaar je niets van God.
Het lijkt zelfs alsof Hij helemaal niet bestaat. De kwestie is, dat jij en ik geschapen zijn om dicht bij God te leven.

Hoe heeft Jezus de mensheid gered?
Door de straf van de mensheid op Zich te nemen. De Bijbel legt uit dat iemand die besmet is door het kwaad, zelfs al is dat maar een klein beetje, de eeuwige dood verdient. Dood betekent scheiding: die persoon wordt voor altijd van God gescheiden.
Concreet houdt dat in dat je terechtkomt in het compleet tegenovergestelde van wat God is. Hij geeft geluk, liefde, plezier, vrijheid, enzovoort.
De straf voor het kwaad is eeuwig ongeluk, haat, lijden, gevangenschap.
Kort gezegd: de hel. Een plaats van onophoudelijke pijniging en ellende.
Dat kan God toch nooit willen?
Goed gezien. Dat is het laatste wat Hij wil voor jou. Daarom kwam Jezus. Je moet goed beseffen dat het voor Jezus een enorme vernedering en opoffering was om uit de meest heerlijke plaats vol schoonheid en goedheid af te dalen naar onze planeet,
waar zoveel smerigheid is. Eenmaal op aarde liet Hij zien wie God is.
Om te beginnen genas Hij iedereen die ziek was. Ziekte is een rechtstreeks gevolg van het kwaad in de wereld.
Daarom genas Jezus de zieken.

In het Mattheüs evangelie staat zesmaal letterlijk, dat Jezus alle zieken genas. Lees het maar...
Daarnaast dreef hij demonen uit. Demonen zijn kwade geesten, die mensen ongelukkig maken. Ze veroorzaken ziekte, depressie, angsten, nachtmerries, verslavingen, enz. Jezus maakte komaf met deze onzichtbare wezens door ze met een kort bevel uit de mens te jagen.
Wat Hij echter vooral deed was mensen vertellen over God de Vader.
Hij legde uit dat God van ons houdt en wil dat we anders gaan leven.
Jezus toonde ons de weg naar echt geluk. Zo zei Hij bijvoorbeeld:
als je alleen maar voor jezelf leeft, zul je nooit gelukkig zijn. Je kunt pas geluk vinden, als je ook echt geeft om anderen.

Lees de verschillende levensbeschrijvingen van Jezus maar eens in de Bijbel (Lukas, Marcus, ...)
Hij legde uit dat God van ons houdt en wil dat we anders gaan leven.

Was dat zijn hoofdtaak?
Neen. Het belangrijkste wat Hij deed, was sterven aan het kruis. Jezus liet Zich vrijwillig doodmartelen door de mens die Hij zo liefhad. Hij werd zo verschrikkelijk gemarteld, dat zijn ingewanden zichtbaar werden en dat zijn gezicht er niet meer menselijk uitzag.
De romantische beeldjes van een mooie Jezus aan het kruis zijn geen juiste weergave van de realiteit. In werkelijkheid was Jezus letterlijk kapotgeslagen.
Het bloed stroomde langs alle kanten langs Hem heen. Met zwepen waar stukjes ijzer in verwerkt waren reten ze zijn rug volledig open, soldaten beukten in op zijn gezicht
met hun vuisten en met geweld trokken ze zijn baard uit. Ze duwden een kroon, gevlochten uit lange, vlijmscherpe doornen, IN zijn hoofd. Daardoor gutste het bloed uit zijn schedel over zijn nek en schouders. Hij werd zo verschrikkelijk gemarteld, dat zijn gezicht er niet meer menselijk uitzag.

Was het echt zo erg?
Die Romeinse soldaten waren geen lieverdjes, wees daar maar zeker van. Ze stonden bekend om hun wreedheid, en als je beseft dat er toen nog geen sprake was van mensenrechten, weet je wat dat betekent. Deze bloeddorstige vechtersbazen botvierden hun lusten van aggressie en moordlust op de meest onschuldige man die er ooit op aarde geleefd heeft.

Wat deed Jezus?
Niets. Hij gaf geen kik. De Bijbel zegt dat Hij zich als een lam naar de slachtbank liet leiden. Hij verdedigde Zich niet, omdat Hij wist waarom Hij dit onderging. Door zijn leven te geven, zou Hij de mensheid verlossen. Het was onze pijn die op Hem kwam, onze ziekten droeg Hij, onze straf onderging Hij.

Na een urenlange marteling werd Jezus levend vastgespijkerd aan een kruis. Zware nagels werden met grote kracht door z'n polsen en voeten geslagen. Kun je je een beetje indenken wat dat is?
Daarna werd het kruis omhooggeheven.

Het ergste begon toen pas voor Jezus. Want als je aan een kruis hangt, kun je heel moeilijk ademen. Je ingewanden zakken namelijk naar beneden, waardoor je begint te stikken. Dus Jezus moest Zich telkens met z'n doorboorde voeten opdrukken en zich aan z'n doorboorde handen optrekken om wat lucht te kunnen happen.
Dat is gewoonweg gruwelijk!
We kunnen er ons geen beeld van vormen wat dat voor Jezus moet geweest zijn. De pijn die Hij onderging was onbeschrijflijk.
Wat echter nog erger was, was dat Hij op dat ogenblik een nog veel ergere marteling onderging.
De zonden, het kwaad, de overtredingen van de hele mensheid, zowel uit het verleden als in de toekomst, werden op Hem gelegd.
Zijn Vader, die onmetelijk veel van Jezus hield, legde op Zijn eigen Zoon de schuld van de ganse mensheid.
Alle leugens, bedrog, misbruik, haat, perversiteit, moord, enz. werd op de meest zuivere Persoon gelegd die er was.

Waarom deed God dat?
Omdat dat de enige manier was waarop de mens vrij kon worden van de kwade overheersing. De schuld van de mens was de houvast van het kwaad. Onze zonde is hun wapen.
Dus wat deed Jezus? Hij nam Satan zijn wapens af.
Hij nam onze schuld op Zich. Het strafblad van de ganse mensheid werd samen met Jezus als het ware aan het kruis genageld.
Daardoor kunnen jij en ik van onze fouten vrijgesproken worden.
Dankzij Jezus kan God weer tot ons komen.
En kunnen wij weer met God in contact komen.
De macht van het kwaad is gebroken. Jezus nam alles weg.
Hij maakt je vrij van je verleden en geeft je een nieuw leven. Het strafblad van de mensheid werd samen met Jezus als het ware aan het kruis genageld
Maar ik ben toch niet zo slecht?
Neen, maar je bent ook niet zo goed. Iedereen heeft wel eens gelogen, iets gepikt, iemand anders gekwetst, of misbruik gemaakt van andermans goedheid. Het speelt geen rol wat je gedaan hebt.
Voor God zijn we allemaal één pot nat. We zijn gesneden uit hetzelfde hout.
De erfzonde rust op het kleinste kind. Waarom moeten ouders hun kinderen anders leren braaf te zijn? Ondeugend zijn ze uit zichzelf! Het zit erin gebakken.

Hoe kan ik deze verlossing van Jezus ervaren?
Heel eenvoudig: erken dat je niet volmaakt bent. Geef toe dat ook jij fouten begaan hebt. Je bent niet volmaakt. Dat weet je maar al te goed. Je hoeft geen seriemoordenaar te zijn om in het krijt te staan bij God. Je zus pijn doen of liegen tegen je beste vriend is net zo goed verkeerd als de schooldirecteur van kant maken.
Vraag dus aan Jezus vergeving voor alles wat je ooit verkeerd hebt gedaan.

Je kunt dat net zo goed NU doen, op dit ogenblik.
Waarom wachten als je weet dat het nodig is?
Het is eenvoudiger dan je denkt. God kent je toch door en door. Vertrouw er maar op. Vraag gewoon aan Jezus, dat Hij je vrijmaakt van je schuld. En zeg tegen God dat je Hem wilt leren kennen. Zeg het maar gewoon. Of denk het.
Door dat te doen zet je de deur van je hart open tussen jou en God.
Hij kan de deur van je hart niet openbreken. Jij moet het zelf doen.
Als je dat gedaan hebt, vraag je aan God om jou te vullen met Zijn Geest. Jezus deed niets zonder de Geest van God.
Daarom heette Hij Christus, de gezalfde.
God zalfde Hem met Zijn Geest. Dat heb jij ook nodig.
Vraag God dat Hij je vult met Zijn Geest.
Het is de Geest van God die jou de liefde van je onzichtbare Vader laat beseffen en ervaren. Jezus maakt je vrij van je schuld
en opent de weg tot de Vader. De Geest vult je met geloof, vertrouwen, liefde, kracht en vreugde.

Wees alsjeblieft niet bang voor Hem.
Veel te veel christenen zijn als de dood voor de Geest van God. Daar is absoluut geen reden voor. Er is niemand zo zacht, teder, machtig en grandioos als Hij. Jezus kon niets doen zonder de Geest van Zijn Vader. Jij hebt Hem dus minstens even hard nodig om een relatie met God te kunnnen hebben.

Is dat het verschil tussen Jezus en andere godsdienstige leiders?
Yep! Alle andere religieuze figuren brachten een religie. Jezus niet. Hij bracht verlossing. Hij zei niet: doe dit en dat om bij God te komen. Hij zei: Ik ben de weg tot God. Zie je het verschil?
Zijn er nog meer verschillen?
Absoluut! Een ander reuzegroot verschil is
dat alle andere godsdienstige 'helden' zo dood zijn als een pier. Erger nog, ze zijn zelfs opgegeten door de pieren. Jezus niet. Hij leeft.
Wablief? Wa's-da-nu-weer-voor-zever?!?!
Haha, geen zever, maar keiharde werkelijkheid.
De dood had geen recht op Jezus. Wat denk je wel? Jezus had dan wel de schuld van miljarden mensen op Zich genomen, maar Hij was Zelf toch nog steeds onschuldig.
Daarom had de dood geen vat op Hem.
De dood had geen enkele aanspraak op de Zoon van God. Daarom wekte de Vader Hem op. Na drie dagen werd Hij levend.
Springlevend. Zodoende nam Hij niet enkel de schuld weg van de mensheid, maar Hij ontnam de dood ook haar greep op de mensheid. Hij was Zelf toch nog steeds onschuldig. Daarom had de dood geen vat op Hem!

Wat bedoel je daarmee?
Jij bent niet geschapen om enkele jaren je broek (of rok) te verslijten en daarna voor eeuwig van het toneel te verdwijnen.
Zo absurd is het bestaan niet (hoewel velen je dat wel willen laten geloven!).
God wil jou eeuwig leven geven. Bij Hem. Als zijn geliefde kind, genietend van zijn kracht en goedheid, samen met ontelbare anderen. In een omgeving waar alleen geluk en schoonheid is.

Daarom stond Jezus op uit de dood.
Hij verbrak de macht van de dood op de mens.
Nu kan Hij iedereen die in Hem gelooft ook opwekken uit de dood en het eeuwige leven schenken. God wil jou eeuwig leven geven.
Bij Hem. Als zijn geliefde kind, genietend van zijn goedheid.

Is dat zo?
God legt uit in de Bijbel dat Hij een dag heeft vastgesteld, waarop alle doden ooit zullen opgewekt worden. De vele miljarden zielen die ooit geleefd hebben, zullen opstaan uit de dood en voor God verschijnen.
Dan zal God hen oordelen op grond van wat ze tijdens hun leven gedaan hebben. Iedereen die heeft geluisterd naar zijn stem, diep in hun binnenste, zullen altijd bij Hem zijn.

Dankzij Jezus kunnen zij voor altijd Gods eigendom worden. Jezus heeft hen namelijk vrijgekocht met zijn eigen leven. De mensen die zich altijd van God afgekeerd hebben zullen voorgoed van Hem verwijderd worden. Zij worden geworpen in een plaatsvan puur kwaad, pijn en ongeluk.

Maar diegenen, waarvan jij er ook een kunt zijn, die Gods liefde ontvingen en ze doorgaven aan anderen, zullen het meest intens geluk krijgen dat er bestaat.

Voor eeuwig.
Klinkt goed...
Dat is het verschil tussen Jezus en de vele andere religies. Jezus bracht geen religie. Hij bracht verlossing. Opdat we opnieuw een relatie met onze liefhebbende Schepper zouden kunnen hebben. En... Hij overwon de dood. Hij leeft nog steeds. Alle anderen zijn dood. Andere religies zijn pogingen van de mens om uit eigen kracht God als het ware te verdienen.

Je kunt Hem niet verdienen. Al wat je kunt doen is Zijn liefde ontvangen en doorgeven.

Of... Hem de rug toekeren en enkel leven voor jezelf.
Hmm...
Aan jouw de keus.


Overgenomen van REAL LIFE!
reactie 1 | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 322


uit het Zoeklicht
Religie/Christendom | 27 December 2008 | 18:39:33
 
 
Antwoord:
Zo langzamerhand dreigt er in de gemeente van Christus een vervreemding te ontstaan tussen Bijbelgetrouwe – en wonderen zoekende broeders en zusters. Het gaat hierbij niet om de vraag of we in wonderen geloven, maar veel meer om de vraag, hoe en waarom deze wonderen gebeuren. In het bekende, seculiere boek Megatrends, waarin stilgestaan wordt bij de komende veranderingen in Nederland, wordt ook gesproken over de charismatisering van de kerk. De moderne mens is consumptief ingesteld en gaat er van uit dat het geloof ook in praktische zin wat oplevert. Het geloof in Christus moet ons voorspoed opleveren, levensvreugde en niet te vergeten een gezond lichaam. Het lijden, de ontbering en de verdrukking van de eerste christenen hebben we als kerk ver achter ons gelaten. We zijn als kerk tegenwoordig maatschappelijk aanvaard. De diensten moeten aantrekkelijk zijn en onze gevoelens aanspreken. De kerk behoort vooral groot en jeugdig te zijn. Zo krijgen we binnen de theologie ook steeds meer met een aanrakings- en gevoelstheologie te maken. Vele liederen die vandaag in de gemeente gezongen worden gaan over dit aanraken en voelen.
Zo vervreemdt de gemeente van Jezus Christus steeds verder van haar oorspronkelijke wortels in Christus en Zijn Woord en verandert in een gemeente die aan de kenmerken van Laodicea voldoet. In de ogen van hen zelf: rijk en aan niets gebrek… maar in Gods ogen: lauw, onrein, arm, blind en naakt! Het is maar hoe je er naar kijkt. Vanuit menselijk standpunt: niets mis mee, maar door Gods ogen gezien: ellendig!
De moderne christen is niet meer tevreden met alleen de zekerheid vanuit Gods Woord. Ze zoeken naar andere bevestigingen en vinden deze in tekenen en wonderen. Het verlangen naar tekenen en wonderen blijkt voor hen onverzadigbaar te worden. Wie zich daar eenmaal op richt, krijgt te maken met een onverzadigbaar verlangen dat niet te stillen is. Het moet steeds meer, groter en spectaculairder zijn. Een dienst waarin alleen “maar” Gods Woord verkondigd wordt, zonder tekenen en wonderen, of emotioneel aansprekende elementen, is voor hen beneden de maat. Een ontevreden gevoel vervult hun hart zodat ze opzoek gaan naar nog meer… meer van wat?
Het moge duidelijk zijn, dat de charismatisering van de kerk een antwoord is op de starheid en de liberalisering die veel kerken verwoest hebben. Een gevaar van doorslaan naar de andere kant ligt dan ook voor de hand. Wat zou het fijn zijn, wanneer in de kerk een nieuwe liefde ontstaat voor Gods Woord en dat er een nieuwe lichting voorgangers komt, niet in de eerste plaats als getrainde managers of showmasters, maar met een diepe liefde voor dit Woord om daarmee de gemeente te voeden, op te bouwen en voor te bereiden op de komst van Christus.


Ds Theo Niemeijer van de site www.zoeklicht.nl
reageer | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 214


Nee is ook een antwoord
Religie/Christendom | 03 Maart 2008 | 12:51:24
Nee is ook een antwoord

Er was eens een meisje van drie, Amy geheten. Ze woonde in een mooi huis bij de zee met een stel leuke broers en zussen en lieve ouders. Amy vond blauw de mooiste kleur van de wereld, want dat was de kleur van de zee en van de vergeet-mij-nietjes in de tuin. Daarom ging ze op een avond op haar knieën en bad: 'Lieve Heer Jezus, geef me alstublieft blauwe ogen als ik morgen wakker word.'
De volgende morgen werd ze met een feestgevoel wakker.
'Wat is het voor een dag? Is er soms iemand jarig?' dacht ze. Ineens wist ze het weer. Het was een feestdag, want vandaag kreeg ze blauwe ogen. Snel kroop ze uit haar bed, schoof een stoel bij de spiegel en keek.
Een paar prachtige bruine ogen kijkt haar aan. Wat vreemd, de Heer Jezus had haar gebed niet verhoord. Teleurgesteld holt ze naar de slaapkamer van haar ouders en vertelt alles aan haar moeder.
Die gaf haar dochter een heel simpel antwoord. Ze zei: 'Amy, néé is ook een antwoord!'
Later werd wel duidelijk waarom de Heer Jezus nee had gezegd. Amy had die bruine kijkers hard nodig toen ze als zendeling naar India vertrok. Ze redde honderden kinderen die in de tempels als slaven werkten, verkocht of weggegeven door hun ouders. Doordat ze haar gezicht met koffie bruin maakte en... doordat haar ogen bruin waren kon ze de tempels binnenkomen. Gelukkig had Jezus haar gebed niet verhoord, toen ze vroeg om blauwe ogen.
reacties 5 | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 431


Er is voor iedereen betaald!
Religie/Christendom | 27 Januari 2008 | 16:19:29
Er is voor iedereen betaald!
Dit verhaal speelde zich af op een Middelbare School in Amerika, waar godsdienstles een onderdeel vormt van de opleiding. Een tijdje geleden was er een godsdienstleraar die broeder Antionio werd genoemd, een fijn mens met een groot hart voor jongelui die het moeilijk hadden.De deur van zijn klas stond altijd open voor studenten die bij een andere les eruit gegooid waren. Het enige dat hij van ze verlangde was, dat ze zich aan de regels hielden.
Op een dag was Steve, een tweedejaars, er bij zijn eigen leraar uitgezet. Omdat geen enkele andere leraar hem wilde hebben, ging hij maar bij broeder Antionio in de les zitten. Een van de regels waar hij zich aan moest houden, was dat hij niet te laat mocht komen, dus kwam hij steeds net op het nippertje binnen. Zodra de bel ging ging hij er ook weer als een haas vandoor.
Op een dag vroeg broeder Antonio Steve om na te blijven, zodat hij even met hem kon babbelen.
''Zeg Steve, ik heb je nu een tijdje geobserveerd, maar... je vindt je nogal stoer, hè?'
Steve wendde zijn blik af en antwoordde onverschillig: 'Nou en?'
'Waar ben je eigenlijk goed in? Hou je van sport bijvoorbeeld?'
Steve keek snel even op en sloeg zijn ogen weer neer.
''Ik zit op bodybuilding, en ik train elke avond.' zei Steve, terwijl hij zijn schouders rechtte en zijn benen wat wijder uiteen plantte.
''Toe maar.'
'Elke avond doe ik tweehonderd push ups...'
'Mmm, niet gek...'
Antonio kreeg een idee, 'Zou je er ook 300 van kunnen maken?'
Dat was wel erg veel meer, maar Steve wou zich niet laten kennen en antwoordde cool, dat het hem waarschijnlijk wel zou lukken.
''In series van tien, bedoel ik. Je kunt telkens weer even uitrusten.'
Nou dan moest het helemaal lukken, meende Steve. Antonio zei dat Steve dat dan vrijdagmiddag voor de klas moest tonen en Steve ging akkoord.
De vrijdag brak aan en Steve was ruim voor tijd in de klas aanwezig. Dit keer ging hij zelfs vooraan zitten in plaats van op de achterste bank zoals anders. Toen de les begon haalde Broeder Antonio een grote doos donuts te voorschijn en niet van die goedkope uitgedroogde dingen, nee extra lekkere, met glazuur er op. Iedereen keek vol verwachting toe, het was vrijdag het laatste uurtje van de week. Misschien kregen ze zelfs wel een vroegertje.
Antonio ging naar het eerste meisje op de eerste bank van de eerste rij en vroeg: 'Cynthia, wil jij een donut?'
Cynthia antwoordde: 'Graag.'
Toen richtte hij zich tot Steve en vroeg: 'Steve, zou jij tien push ups willen doen, zodat Cynthia haar donut kan krijgen?´
´Oké.´riep Steve. Hij deed tien vlugge push ups, een makkie en ging weer zitten. Cynthia kreeg de donut en Antonio vroeg aan de volgende leerling: 'Joe, wil jij een donut?'
Zo ging het de rij langs. Voor iedere donut deed Steve tien push ups. Tot hij bij Scott kwam. Scott was captain van het footballteam en center van het basketbal team. Hij was erg popie en altijd zwermden er meiden om hem heen. Toen hem gevraagd werd of hij een donut wou antwoordde hij: 'Luister goed, man, ik kan mijn eigen push ups wel doen, daar heb ik Steve niet voor nodig.'
Antonio zei: 'Scott, het is mijn klas en mijn donuts. Ik bepaal wat de prijs is en Steve doet voor elke donut tien push ups.'
'Dan hoef ik er geen een,'' antwoordde Scott minachtend.
De leraar richtte zich kalm tot Steve en vroeg: 'Steve, wil je tien push ups doen, zodat Scott een donut kan krijgen die hij niet wil?'
Steve, die inmiddels al wat vermoeid begon te raken deed ook voor Scott tien push ups. Scott schreeuwde: 'He, hallo! Ik wilde geen donut, dat zei ik toch!'
'Hoor es,' was het antwoord van Antonio, ''Je hoeft hem niet te nemen, laat maar liggen. Er is in ieder geval voor betaald.'
Steve raakte langzamerhand behoorlijk vermoeid. Tussen de push ups bleef hij nu op de grond liggen, dat spaarde hem krachten. Je kon zweetdruppels op zijn gezicht zien. De derde rij was nu aan de beurt. Er waren er steeds meer die nee zeiden en al die niet geaccepteerde donuts stapelden zich op. Steve moest nu echt veel moeite doen om zich op te drukken. Hij zag helemaal rood in zijn gezicht. Robert werd aangesteld om erop toe te zien, dat Steve zijn push ups goed afmaakte. De vierde rij was aan de beurt. Broeder Antonio telde vlug de koppen. Het werd een beetje rommelig in de klas, want er waren wat lui bijgekomen uit andere klassen, die bij het raam bleven staan. Snel berekende hij dat het totaal van de push ups die gedaan moesten worden was opgelopen tot 340. Zou Steve het redden?
Zo langzamerhand kreeg iedereen vreselijk medelijden met Steve, die aan het eind van zijn krachten was. Even dreigde het mis te gaan toen er nog een jongen de klas binnen stapte. Iedereen schreeuwde: 'Buiten blijven, idioot!'
Maar Steve steunde: 'Nee, laat ... maar!!'
De klas werd doodstil. Zelfs voor deze jongen werd er een donut betaald, heel langzaam en met de uiterste inspanning. De klas dacht dat Steve er wel dood bij kon neervallen. Zijn armen trilden en het zweet stroomde van zijn gezicht. Eindelijk was het laatste meisje aan de beurt.
'Susan, wil jij een donut? vroeg de leraar.
Susan schudde traag van nee.
'Steve, wil je nog tien keer opdrukken zodat Susan de donut kan krijgen die ze niet wil?'
Een groot protest rees op uit de klas. Kon niemand Steve helpen? Nee, hij moest het helemaal alleen doen. De klas telde mee. Acht, negen.... tien! Hoera!! het was gelukt! Steve bleef liggen, niet in staat zich nog te bewegen. Toen het gejuich verstomde, hief broeder Antonio zijn hand omhoog.
'Voordat jullie weggaan nog even dit:' zei hij.
'Ik heb jullie vaak verteld van Jezus en het deed jullie niks. Maar nu begrijp je zeker wel wat Hij heeft gedaan voor de wereld. Voor iedereen heeft Hij de hemel verdiend door te lijden aan het kruis. Voor wie wil en voor wie niet wil. Hij volbracht het. Wees niet zo hoogmoedig om te denken dat je Hem niet nodig hebt. Als je er nog met me over wilt doorpraten, dan blijf je maar na.'
Er bleef die middag één jongen zitten om met Broeder Antonio te praten en zijn naam was... Steve.

reacties 4 | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 961


twee baby's
Religie/Christendom | 26 Januari 2008 | 09:07:51
Twee baby’s in een kribbe
(pak de zakdoekjes nu… je hebt ze nodig)


In 1994, beantwoordden twee Amerikanen een uitnodiging van het Russische Ministerie van Onderwijs om moraal en ethiek (die op bijbelse principes worden gebaseerd) te onderwijzen in openbare scholen.
Zij werden verzocht om in een groot weeshuis te onderwijzen. Ongeveer 100 jongens en meisjes die waren verlaten, misbruikt, en die werden overgelaten aan de zorg van de overheid-looppas waren in het weeshuis.
Zij vertelden het volgende verhaal in hun eigen woorden.
Het was vlak voor het vakantie seizoen, 1994, tijd voor onze wezen om voor het eerst het traditionele kerstverhaal te horen. We vertelden hun over Maria en Jozef die in Bethlehem aankwamen en geen slaapplaats in een herberg konden vinden, het koppel ging naar de stal, waar de baby Jezus werd geboren in een kribbe. Tijdens het verhaal, zaten de kinderen en het weeshuis personeel verbaast te luisteren. Sommigen zaten op de rand van hun stoelen, proberend elk woord mee te krijgen. Toen het verhaal af was gaven we de kinderen 3 kleine stukjes karton om een ruwe kribbe te maken. Ieder kind gaven ze een vierkant stukje papier, geknipt uit gele servetten die ik had meegenomen. Er was geen gekleurd papier verkrijgbaar in de stad.
Na de instructies scheurden de kinderen het papier en legden zorgvuldig stroken in de kribbe als stro. Kleine vierkanten stukjes flanel, gesneden uit een uitgeputte nachtjapon van een Amerikaanse vrouw die ze had weggesmeten toen ze Rusland verliet, werden gebruikt voor de deken van de baby. Een
popachtige baby was geknipt uit blik die we meegenomen hadden uit de Verenigde Staten. De wezen waren bezig met het maken van alles toen ik rondliep om te kijken of ze misschien hulp nodig hadden.
Alles ging goed totdat ik bij de tafel kwam waar kleine Misha zat. Hij leek ongeveer zes jaar oud en was klaar met zijn ontwerp. Toen ik keek naar de kribbe van het kleine jongetje, schrok ik omdat ik niet 1 maar 2 baby’s in de kribbe zag liggen. Snel, riep ik de vertaler om het jongetje te vragen waarom er 2 baby’s in de kribbe lagen. Toen de vertaler met gekruiste armen voor hem stond en keek naar de voltooide kribbe, begon het kind het verhaal heel serieus te herhalen.
Voor zo een jonge jongen, die alleen maar 1 keer het kerstverhaal heeft gehoord, vertelde hij het verhaal nauwkeurig….totdat hij aan het stuk kwam waar Maria baby Jezus in de kribbe legde. Toen begon Misha te improviseren. Hij bedacht zijn eigen verhaal en wel: En toen Maria de baby in de kribbe legde, keek Jezus omhoog naar mij en vroeg me of ik een plaats had om te verblijven. Ik vertelde hem dat ik geen moeder en vader heb, dus ook geen plaats heb om te verblijven. Toen vertelde Jezus me dat ik bij hem kon blijven. Maar toen vertelde ik hem dat dat niet kon omdat ik geen geschenk had om hem te kunnen geven zoals alle anderen. Maar ik wou zo graag bij Jezus blijven, toen dacht ik eraan wat ik hem zou kunnen geven als een goed geschenk. Ik dacht misschien als ik hem warm zou kunnen houden, dat zou een goed geschenk zijn. Dus vroeg ik Jezus, " Als ik je warm houd, zou dat geschenk dan goed genoeg zijn?" En Jezus vertelde mij, " Als jij mij warm houd, zou dat het beste geschenk zijn wat iemand me ooit zou kunnen geven." Dus kroop ik in de kribbe en toen keek Jezus me aan en vertelde hij me dat ik bij hem kan blijven….voor altijd."
Toen kleine Misha zijn verhaal eindigde, zaten zijn ogen zo vol met tranen dat ze omlaag rolden via zijn kleine wangetjes. Met zijn handen over zijn gezicht, viel zijn gezicht op de tafel en zijn schouders trilden toen hij weende en weende. De kleine wees had iemand gevonden die hem nooit zou verlaten nog zou misbruiken, iemand die bij hem zou blijven…..VOOR ALTIJD
Ik heb geleerd dat het niet is wat je hebt in je leven, maar wie je hebt in je leven dat telt.


Vertaling: Jenifer S voor Church-Online
reactie 1 | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 433


Niet met alcohol achter het stuur, lees aub dit ontroerende verhaal!!
Verkeer | 09 Januari 2008 | 09:39:44
Op de laatste dagen vóór Kerstmis, haastte ik me nog naar de stad om cadeau's te kopen waar ik nog niet in geslaagd was. Terwijl ik aan het kijken was op speelgoedafdeling,

merkte ik een kleine jongen op van ongeveer 5 jaar. Hij hield een pop tegen zijn borst gedrukt streelde haar en keek heel droevig.

De kleine jongen draaide zich om en vroeg aan de oude vrouw naast hem:

'Oma, weet u zeker dat ik niet genoeg geld heb?' De oude dame antwoordde:

'Ik weet zeker dat je niet genoeg geld hebt om deze pop te kopen, mijn beste kind.'

Toen vroeg zij hem om hier 5 minuten te blijven staan terwijl zij even rond ging kijken.

De kleine jongen hield de pop nog steeds in zijn handen en snikte.

Toen ik naar hem toe liep en hem vroeg voor wie hij die pop wilde kopen,

vertelde hij snikkend ;het is de pop die mijn zus zo graag wilde hebben voor kersmis,

Ze was zo zeker dat de kerstman ze aan haar zou geven.

Ik antwoordde hem dat de Kerstman hem misschien wel zou brengen.
Maar hij antwoordde droevig: 'de Kerstman kan hem niet aan haar geven waar zij nu is.

Ik moet de pop aan mijn moeder geven zodat zij hem aan haar kan

geven wanneer zij daarheen gaat.' Zijn ogen waren zo droevig terwijl hij dit zei.

'Mijn zus is naar God toe gegaan en papa zegt dat mama ook spoedig naar God zal gaan.

Dus ik dacht dan kan zij de pop aan mijn zus geven. '

Dan toonde hij me een zeer aardige foto van hem waar hij aan het lachen was.
Hij zei: 'ik wil ook dat ze deze foto meeneemt zodat ze mij niet vergeet.'
Ontdaan van dit verhaal keek ik snel in mijn portemonnee en gaf de jongen wat geld.

Ik gaf hem nog wat extra geld omdat hij eigenlijk ook nog een witte roos bij haar wilde leggen.
Toen ik thuis kwam herinnerde ik me een lokaal krantenartikel van 2 dagen geleden,
wat melding maakte over een dronken chauffeur in een vrachtwagen die een auto raakte

waar een jonge vrouw en een klein meisje in zaten.
Het kleine meisje stierf gelijk, en de moeder werd in kritieke toestand naar het ziekenhuis gebracht en was in coma.
Was dit de familie van die kleine jongen?
Twee dagen na deze ontmoeting met de kleine jongen, las ik in de krant dat de jonge vrouw ook was overleden.

Ik kon het niet laten en ging een bos witte rozen kopen, en ging naar het mortuarium waar het lichaam van de
jonge vrouw was opgebaard.
Zij lag daar, in haar doodskist, hield een mooie witte roos vast.

Ook lag er een foto van de kleine jongen en de pop op haar borst.
De liefde die deze kleine jongen voor zijn moeder en voor zijn zusje had is toch heel duidelijk.



---------- EN IN EEN FRACTIE VAN EEN SECONDE ---------

had een dronken chauffeur dit alles van hem afgenomen…!!!!….
reacties 9 | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 1554


kerstdienst in de Bethel
Religie/Christendom | 08 Januari 2008 | 19:26:11

Lieve mensen,

 

 

Neem even de moeite om te kijken, ik vond het prachtig, het is een mooie duidelijke boodschap voor alle mensen: Het is een kerstnachtdienst in de Bethel

 

 

 

 

:http://stream.nxs.nl/asx/vbgbethelmedia/24_12_07_kerstnachtdienst

reageer | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 459


een vriend voor altijd!!!
Religie/Christendom | 07 Januari 2008 | 20:52:42
Deze man keerde zich naar mij en vroeg : Hoeveel vrienden heb jij?
Ik antwoordde : Hoezo? Ik schat zo’n 5 á 10 echte.. en noemde er een paar op. Hij schudde zijn hoofd, keek me aan en zei; dan ben je een heel gelukkig mens dat je zoveel vrienden hebt.
Maar denk eens goed na over wat je nu zegt. Een vriend is niet zomaar iemand…………….
Een vriend is een zachte schouder waar je zachtjes op kunt huilen, een put waar je al je zorgen in kunt gooien. Iemand die je alles kunt vertellen en die je weer op kan beuren. Een vriend is iemand die je omhoog kan trekken vanuit je wanhoop, vanuit het duister, daar waar al je andere zogenaamde vrienden je achter hebben gelaten. Een ware vriend is je bondgenoot die niet van je zal wijken, die je niet kunt kopen. Een stem die je naam in leven houd als anderen die allang zijn vergeten. Iemand die je voor de 100% kunt vertrouwen, waar je helemaal jezelf kunt zijn. Maar boven alles heeft een vriend een groot hart, een rots waar je altijd op kunt bouwen. Uit het hart van een vriend komt de grootste liefde aller tijden, bereid om voor je te sterven.

Dus… denk nog maar eens goed over mijn woorden na, want elk woord wat ik zei is waar. En geef me dan nog eens een antwoord, mijn kind : Hoeveel vrienden heb jij?
En daar stond Hij dan en keek me aan, wachtend op mijn antwoord.

Ik dacht na en wist nu één ding heel zeker dat ik 1 echte ware vriend heb voor eeuwig.


reacties 4 | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 822


rouwverwerking
Religie/Christendom | 07 Januari 2008 | 14:18:41

In tijden van rouw.

 

Al ga ik door diepdonker dal…..Psalm 23.

Ga je ook door een diepdonker dal , dan weet je dat die zware koffer  vol verdriet  bijna niet te tillen is. Hij is moeilijk te dragen omdat niet iedereen je verdriet begrijpt. Eerst wel bij de begrafenisdienst en naast het graf. Maar nu niet meer, nu begrijpen ze het  niet meer. Verdriet laat je nooit meer los. Zo stilletjes als een wolk die voor de zon schuift, zo komen er herinneringen bij je boven die zich voor je vreugde schuiven, zodat jij in de kilte van de schaduw komt te zitten.  Ongemerkt, zonder dat  je het voelde aankomen. Een geur die je weer aan haar of hem doet denken, een liedje op de radio dat hij/zij zo leuk vond,  en daar sta je weer naast dat sterfbed.

 

Waarom laat dat verdriet je nooit meer los??

 

Omdat je niet alleen een geliefde een mens hebt begraven. Je hebt ook een stukje van jezelf begraven. Hoe dichter je bij iemand staat, hoe meer je zijn beweging  zult missen als hij/zij er niet meer is.  Als er iemand sterft die je lief is, heeft dat invloed op je . Het heeft invloed op je dromen.

 

Voorbeeld; Een moeder die in haar zwangerschap haar kindje verloor, zei:  niet alleen mijn kindje is gestorven, er is ook een droom gestorven.

 

Waarom laat verdriet je nooit meer los? Omdat je niet alleen maar met herinneringen te maken hebt – je hebt te maken met een toekomst zonder je geliefde.  Je hebt niet alleen temaken met verdriet, je vecht tegen teleurstelling. Je vecht ook tegen boosheid. Misschien voor iedereen merkbaar. Misschien alleen diep van binnen.  Misschien kortstondig als een lucifer, misschien langdurig als een fakkel.  Maar boosheid en verdriet gaan hand in hand. Boos op jezelf, boos op het leven. Boos op alles, de situatie, boos op God. Waarom hij? Waarom zij? Waarom nu? Waarom bij ons?

 

We weten dat we deze vraag niet kunnen beantwoorden. Alleen God weet om welke reden er bepaalde dingen in ons leven gebeuren. Maar er is een onomstotelijk feit waar we ons aan vast kunnen grijpen.

 

Onze god is een goede God.

Psalm 27: 8 De heer is goed en eerlijk.

Je zult zien, je zult merken hoe goed de Heer is (Psalm 34:9)

Dit is ons uitgangspunt, ook al begrijpen we niet hoe Hij te werk gaat, we kunnen vertrouwen op de overleggingen van zijn Hart.

 

Maar hoe kan de dood nu goed zijn. Een deel van een antwoord kun je vinden in Jesaja 57:1,2.

 

Wij noemen een leven kort, maar wie leeft er eigenlijk lang, in verhouding met de eeuwigheid? Het leven van een mens lijkt op een druppel in de oceaan.

 

Terwijl  wij er nog niet aan willen dat iemand er niet meer is, leven zij een leven vol aanbidding in de hemel. Terwijl wij rouwen bij een graf, bewonderen zij in de hemel Gods Majesteit, terwijl wij ons “waarom” naar de hemel sturen, loven zij God.

 

Maar Hoe ? zit het dan met hen die niet geloofden toen ze stierven?

 

Mijn man bad nooit?, Mijn opa ging nooit naar de kerk?. Mijn moeder las nooit in de bijbel en had haar hart niet aan God gegeven?. Hoe zit het met mijn vader?,  hoe zit het met mijn zoon/dochter?.

 

Wie ben jij  om te weten hoe iemand is gestorven ?  Weet jij wat er in iemands hoofd omging tijdens zijn laatste ademtocht? Wie van ons weet wat er in iemands laatste ogenblikken aan het licht komt? Weet je zeker dat iemand niet meer heeft gebeden? Het vooruitzicht van de eeuwigheid kan iemand op de knieën hebben gekregen. Een blik in de dood kan heel goed een schreeuw om genade hebben veroorzaakt. En zou God , die van nederige mensen houdt, zo’n schreeuw hebben genegeerd? Dat deed hij Niet op Golgota.  De belijdenis van de moordenaar aan het kruis was zijn eerste en laatste schreeuw om genade. Maar Christus hoorde het, Christus nam het aan. Misschien heb jij nooit gehoord dat je geliefde Christus beleed, maar wie zegt dat Christus dat niet gehoord heeft.

We weten niet wat er in iemands hoofd omgaat tijdens het sterven. Maar dit weten we wel dat God een goede God is. Hij wil niet dat er ook maar iemand verloren gaat, maar dat allen tot inkeer komen”.

 

2 Petrus 3:9 Hij wil nog veel meer dan jij dat jouw geliefde bij hem in de hemel komt, maar dat mogen we in geloof aan zijn wijsheid overlaten.

 

 

Weet  je wat  God nog meer wil? Hij wil dat jij met je verdriet in het reine komt. Ontkenning en verdringing horen niet bij zijn rouwtherapie.

Laat het tot je door  dringen, stel je vragen, klaag en huil , maar ontken je gevoelens van verdriet niet.  Prediker 3: 4,  ziet het onder ogen: Er is een tijd voor rouwen.

 

God leidt  je door een diepdonker dal, niet eromheen .  Een dal der schaduw des doods. Dit beeld van  van die schaduw is heel  treffend, omdat een schaduw niet werkelijk aantast.

 

Toen  een predikant na de begrafenis van zijn vrouw naar woorden zocht van troost voor zichzelf maar ook voor zijn kinderen, maar er schoot hem niets te binnen. Juist op dat moment reed er een grote vrachtwagen voorbij. De schaduw van die wagen trok over hun eigen  auto heen. Toen wist hij wat hij zeggen moest.

Wat denken jullie vroeg hij aan zijn kinderen kun je beter  door een vrachtwagen overreden worden of door de schaduw van die vrachtauto?

 Door de schaduw natuurlijk antwoorden de kinderen want een schaduw doet geen pijn.

Toen legden de vader uit dat Jezus zich tweeduizend jaar geleden bij wijze van spreken door een vrachtwagen heeft laten overrijden, zodat ons alleen nog de schaduw van die vrachtwagen treffen kan. We hebben met de dood te maken, maar dankzij Jezus alleen met de schaduw van de dood. En dankzij Jezus geloven we dat de kinderen voor Gods troon mogen dansen als nooit tevoren.l

 

 

 

 

 

 

reacties 5 | bewerk | geef kudos | verstuur | kopieer | bekeken x 514


 

Home   weblog sinds: 2008-01-06

Ontwikkeld door punt.nl en gehost door mijndomein.nl